Categorie archieven: Politieke vragen

Beantwoording vragen over de oplossing van het conflict met dhr. Hommes

Hieronder de beantwoording door het college van de vragen die gesteld zijn over het oplossen van het conflict met dhr. Hommes.
De vragen zijn naar de mening van de fractie duidelijk beantwoord.

Reactie

  1. Was het college reeds op de hoogte van het conflict tussen deze inwoner en de gemeente, en zo ja, hoe heeft het college tot nu toe gepoogd samen tot een oplossing te komen?
    Hoewel dit voor de inwoner mogelijk niet zo wordt ervaren, gaat het in dit geval om twee losstaande situaties. Een situatie over de aanleg van een inrit en een handhavingsprocedure over de aanleg van een paardenbak.

    Inrit:
    Er is al geruime tijd discussie over de inritten voor de ontsluiting van de nieuwbouwkavels aan de Mientweg in Lutjewinkel. Met de ontwikkelaar van de kavels zijn via een exploitatie overeenkomst afspraken gemaakt onder andere over de aanleg van de inritten. Zowel met de ontwikkelaar als met de inwoner zijn meerdere gesprekken gevoerd en locatiebezoeken geweest. Uiteindelijk is er een gerechtelijke uitspraak geweest waarin de rechter heeft vastgesteld dat er een inrit ligt ter ontsluiting van de kavel van de inwoner en dat er over materialisatie geen afspraken zijn gemaakt:

    Kortom, de uitspraak was duidelijk. Daarnaast is er sprake van twee kavels in eigendom van de inwoner. Waarvan één kavel valt binnen het ontwikkelgebied en de andere kavel niet. Hij eist dat voor beide een inrit wordt aangelegd door ontwikkelaar. De inwoner heeft de uitspraak naast zich neergelegd en bleef bij herhaling terugkomen met de vraag wie de inrit moest aanleggen. Uiteindelijk is ervoor gekozen dat in het verlengde van de aanleg van het voetpad ook de inritten worden aangelegd voor alle inwoners binnen het nieuwbouw plangebied. Dus volgens ons is dit de oplossing.

    Paddock:
    Op het perceel werd een paddock gerealiseerd. Naar aanleiding van de werkzaamheden die hier werden uitgevoerd is een verzoek om handhaving binnengekomen. Vanwege dit verzoek is een toezichthouder van de gemeente ter plaatse geweest om de situatie te bekijken. De situatie is beoordeeld en bleek in strijd met het bestemmingsplan en bij een eerste beoordeling leek de paddock niet te vergunnen. Naar aanleiding daarvan is een brief gestuurd waarin is aangegeven dat sprake is van een overtreding en dat het college voornemens was om handhavend op te treden door het opleggen van een last onder dwangsom. Voordat het college een last onder dwangsom oplegt, wordt altijd de gelegenheid geboden om een zienswijze te geven. Er is zowel telefonisch als schriftelijk contact geweest over het voornemen van het college om handhavend op te treden. Los van dit traject is alsnog een omgevingsvergunning aangevraagd door de inwoner die uiteindelijk toch is verkregen. Tegen deze vergunning loopt een bezwaarprocedure ingesteld door een omwonende. Omdat alsnog een vergunning is verleend, is het verzoek om handhaving afgewezen en treedt het college niet handhavend op tegen het realiseren van de paddock.

  2. Is het college bereid om proactief het gesprek met betreffende inwoner aan te gaan om gezamenlijk tot een oplossing te komen? Zo ja, dan worden we graag op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen. Zo nee, waarom niet?

    Inrit:
    Er is een oplossing door de aanleg van de inritten op kosten van de gemeente te realiseren. Het gesprek is al opgestart vanuit team Areaalbeheer om hier met de inwoner verder afspraken over te maken.

    Paddock:
    Het dossier vanuit Handhaving rondom de paddock is momenteel afgerond. De officiële bevestiging hiervan vanuit Handhaving richting de inwoner heeft door de hoge werkdruk op zich laten wachten maar is alsnog verstuurd en er is telefonisch contact geweest. Tijdens de handhavingsprocedure is ook, zoals gebruikelijk, contact geweest met de betrokken inwoner. De paddock is immers vergund waardoor niet langer sprake is van een overtreding. Wel loopt er een bezwaarprocedure tegen de verleende vergunning.
    Uiteraard is het college, als de inwoner daar nog behoefte aan heeft, proactief het gesprek aan te gaan. Tijdens het telefonisch contact met de inwoner is aangegeven dat dit vooralsnog niet hoeft.

  3. Wanneer er inwoners met individuele conflicten tussen hen en de gemeente aan het raadscafé deelnemen, is LADA van mening dat de gemeenteraad niet eerst vragen zou moeten hoeven indienen over deze situaties om het college aan te sporen tot proactief handelen om het conflict te proberen op te lossen. Deelt het college deze mening? Zo nee, waarom niet?

    Inrit:
    Deze mening delen wij. Ook zijn hiertoe de nodige inspanningen verricht. Er zijn meermaals keukentafel gespreken gevoerd en de inwoner is ook uitgenodigd door de wethouder om te spreken over een oplossing. Alleen kreeg de inwoner niet het antwoord waarop hij wellicht hoopte. Door nu voor iedereen de inrit aan te laten te liggen is in onze optiek het probleem opgelost.

    Paddock:
    In het algemeen zijn handhavingszaken kwesties waarin een juridisch geschil van inzicht kan bestaan. Immers, wanneer het college handhavend gaat optreden, brengt dat vaak met zich mee dat dit niet als prettig wordt ervaren. Uiteraard doen onze medewerkers wat de kunnen om de betrokkenen zo goed mogelijk te informeren over de situatie en hun rechten. Inzake de paddock speelt er volgens het college geen conflict. Het ging om een handhavingsdossier dat is doorlopen en wat is afgerond. Tegen de vergunning is bezwaar gemaakt maar deze procedure loopt niet tussen de betreffende inwoner en het college.

LDA stelt vervolgvragen over situatie voormalige Harmonie in Hippolytushoef

Afgelopen week ontvingen wij de beantwoording van onze Politieke Vragen over de situatie in de voormalige Harmonie in Hippolytushoef, waarvoor dank.
De beantwoording roept bij onze fractie een aantal vragen op.

  1. In de beantwoording op de vraag over de 9e woonunit geeft u aan dat er geen sprake is van zelfstandige woonvoorzieningen. In deze unit bevindt zich wel een badkamer en bedden.
    De 9e woonunit is op geen enkele manier verbonden met woning 1a, en heeft ook een eigen ingang. De eigenaar van het pand refereert zelf ook aan appartement 9 op de kooptekeningen die voor het
    raam hingen. Wanneer is er volgens het college dan sprake van zelfstandige woonvoorzieningen? 
  2. Is het college het met ons eens dat een ruimte zonder zelfstandige woonvoorzieningen, desalniettemin wel als zelfstandige woonruimte gebruikt kan worden?
    Het gaat om huisvesting voor arbeidsmigranten; die worden dikwijls onder slechtere omstandigheden gehuisvest.
  3. Op de adressen Kerkplein 1a en 1c zijn volgens het college geen inschrijvingen bekend, maar omwonenden bevestigen dat er wel mensen wonen, die bovendien regelmatig overlast
    veroorzaken. Heeft het college zicht op de personen die hier wonen? Zo nee, waarom niet?
  4. Wij hebben bevestigd gekregen dat appartement 1a of woonunit 9 (dit is vanbinnen niet goed te beoordelen) van binnen de opstelling heeft van een slaapzaal, met ongeveer 8
    eenpersoonsbedden waar mannen in slapen. Heeft de toezichthouder dit in een van zijn/haar regelmatige controles ook geconstateerd? Zo nee, waarom niet? Zo ja, wat is hiermee gedaan? 
  5. Op het adres Kerkplein 1d zijn 6 personen ingeschreven. Wij vragen ons af wat de gezinssamenstelling is. Aan de achterkant van dit appartement zitten regelmatig 6 mannen en 2
    vrouwen te barbecueën. Dit doet vermoeden dat er geen sprake is van één huishouden. 
  6. U geeft aan dat het opvragen van huurcontracten een bevoegdheid is van de toezichthouders, en dat zij gebruik maken van deze bevoegdheden. Enkele bewoners hebben bevestigd dat hun
    huurcontracten van korte duur zijn, soms maar 2 maanden. Dit zou ook verklaren waarom er regelmatig nieuwe bestelbusjes met buitenlandse mannen arriveren. Is het college op de hoogte hiervan? 
  7. Is het college met ons eens dat dit geen wenselijke vorm van bewoning is, en niet bijdraagt aan de sociale cohesie in de wijk? 
  8. U geeft aan dat er twee keer een overtreding is geconstateerd, en dat er bij de volgende overtreding sprake zal zijn van inwerkingtreding van een dwangsom. De laatste overtreding is alweer enige tijd geleden, maar er is niets aan de situatie veranderd, anders dan dat de groep buitenlandse mannen regelmatig rouleert. Wij nemen aan dat de toezichthouder, na de tweede overtreding, zeer regelmatig langs gaat ter controle. Heeft de toezichthouder de afgelopen weken overtredingen geconstateerd? 
  9. U stelt: ’ In de rechtspraak wordt het hebben van een Nederlandse nationaliteit niet als een vereiste benoemd om een huishouden te kunnen vormen.’De gemeente heeft echter wel altijd gesteld dat de woningen niet gebruikt mogen worden voor huisvesting van arbeidsmigranten. In de uitspraak van de voorzieningenrechter wordt het feit dat de gemeente dit duidelijk heeft aangegeven ook aangehaald als argument waarom legalisatie niet aan de orde kan zijn. Ook wordt een onevenredige belangenschading van de eigenaar van tafel geveegd omdat de het bestemmingsplan en de omgevingsvergunning geen ruimte bieden huisvesting van arbeidsmigranten.

    Gezien de uitspraak van de rechter, is het college het met ons eens dat het feit dat er arbeidsmigranten in het pand wonen, ongeacht of zij een huishouden vormen, illegaal is? Zo nee, waarom niet?

     

  10. U geeft aan dat er 20 fixi meldingen zijn geweest in de afgelopen 12 maanden, en dat de boa’s deze meldingen oppakken door drie keer langs te rijden om de overlastgever te treffen. Dit zou betekenen dat de boa’s 60 keer gezien hebben hoe de woonsituatie in het pand eruit ziet. Hoe staan de boa’s in contact met de toezichthouders? Zo ja, waarom is de illegale bewoning dan niet eerder stopgezet? Zo nee, waarom niet?
  11. Kan het college zich voorstellen dat de omwonenden het gevoel hebben dat hun zorgen niet serieus genomen worden, gezien het feit dat de illegale bewoning en bijbehorende overlast al lange tijd voortduurt?

Beantwoording vragen over: tunnel onder A7 Wieringerwerf

Op 18 mei 2024 heeft LDA (v/h LADA) vragen gesteld over de tunnel onder A7 Wieringerwerf.
Hieronder de antwoorden van het College op deze vragen.

  1. Deelt het college onze mening dat het tunneltje als onveilig kan worden ervaren door voetgangers die er gebruik van maken?
    Een onveilig gevoel kan te maken hebben met verschillende factoren zoals verlichting, zichtbaarheid of het algemene gevoel van veiligheid. Dit is een gevoelsbeleving wat ieder anders zal ervaren. Een onveilig gevoel is niet prettig en de gemeente Hollands Kroon vindt het belangrijk dat alle gebruikers van het tunneltje zich veilig voelen. Het college heeft niet eerder signalen ontvangen over onveiligheid bij en rondom het tunneltje. Het tunneltje is voorzien van verlichting, hetgeen het veiligheidsgevoel van inwoners over het algemeen vergroot. We zullen nagaan of de verlichting nog goed functioneert en of er meer verlichting geplaatst dient te worden. Mochten wij wel signalen ontvangen, dan nemen wij deze serieus en zullen wij kijken naar mogelijkheden om het veiligheidsgevoel van onze inwoners te verhogen. Overigens zal dit in samenspraak met Rijkswaterstaat moeten gebeuren, aangezien zij eigenaar zijn van de tunnel.

  2. Is het college al eerder benaderd door inwoners over de veiligheid van dit tunneltje?
    Nee, er zijn niet eerder meldingen ontvangen over het tunneltje. Er zijn ook niet eerder meldingen gedaan bij de politie.
  3. Deelt het college de mening dat de komst van 100 asielzoekers in Van der Valk, de sociale controle verslechtert?
    Het college is van mening dat de komst van 100 asielzoekers in Van der Valk niet leidt tot een verslechtering van de sociale controle. Het is belangrijk om te benadrukken dat asielzoekers, net als ieder ander, deel uitmaken van onze gemeenschap en bijdragen aan de sociale dynamiek in Wieringerwerf. Wij geloven dat dit kan leiden tot een verbetering van de sociale cohesie en controle, in plaats van een verslechtering. We blijven ons inzetten voor open dialoog en begrip tussen alle leden van onze gemeenschap. Het COA heeft tijdens de bijeenkomst op 24 april jl. nadrukkelijk de bewoners van Wieringerwerf en omstreken uitgenodigd voor een bezoek aan de opvang met het doel kennis te maken met de bewoners (asielzoekers).
  4. In veel gevallen is de gemeente bevoegd gezag wat betreft de locatie van bushaltes. Is dit ook het geval bij deze bushalte, die gesitueerd is aan een rijksweg?
    De locatie van de bushalte is op grondgebied van Rijkswaterstaat, en valt dus niet binnen ons bevoegd gezag.

 

LDA stelt vragen over de voetgangerstunnel onder A7 Wieringerwerf

Op de agenda voor de raadsvergadering van 23-05 staat een ingekomen stuk, waarin de briefschrijfster aangeeft zich zorgen te maken om de veiligheid bij het tunneltje onder de A7 ter hoogte van hotel van der Valk. Dit tunneltje leidt naar de parkeerplaats aan de westzijde van de A7, waar zich naast een parkeerplaats ook een bushalte bevindt van buslijn 350 Alkmaar-Leeuwarden. Het tunneltje ligt buiten het dorp en is de enige route naar de bushalte, welke dagelijks door vele jongeren wordt gebruikt om van en naar school te komen. Briefschrijfster vreest dat de sociale controle, mede door de waarschijnlijke komst van 100 asielzoekers in hotel van der Valk, verloren gaat.

LDA deelt de zorgen over de veiligheid bij het tunneltje, en is van mening dat het tunneltje sowieso ongelukkig ligt, nog los van of er asielzoekers naast komen te wonen. Het feit dat de tunnel buiten het dorp ligt met weinig bebouwing eromheen en het de enige looproute naar het dorp is, helpen niet mee voor het gevoel van veiligheid. De tunnel wordt daarnaast ontsierd door de vele graffiti op de muren.

  1. Deelt het college onze mening dat het tunneltje als onveilig kan worden ervaren door voetgangers die er gebruik van maken?

  2. Is het college al eerder benaderd door inwoners over de veiligheid van dit tunneltje?

  3. Deelt het college de mening dat de komst van 100 asielzoekers in Van der Valk, de sociale controle verslechtert?

  4. In veel gevallen is de gemeente bevoegd gezag wat betreft de locatie van bushaltes. Is dit ook het geval bij deze bushalte, die gesitueerd is aan een rijksweg?

LDA stelt vragen over de oplossing van het conflict met dhr. Hommes

Aan het raadscafé van 11 april jl. nam dhr. Hommes deel. Hij gaf aan al jarenlang een conflict met de gemeente te hebben over onder andere een oprit voor zijn huis en een paardenbak. Dit conflict speelde met name in de vorige bestuursperiode. In het presidium is aan de fracties gevraagd of wij nog actie op willen ondernemen naar aanleiding van de inbreng van dhr. Hommes. LDA is van mening dat het college hier actie op moet ondernemen, dus vandaar de volgende vragen.

  1. Was het college reeds op de hoogte van het conflict tussen dhr. Hommes en de gemeente,
    en zo ja, hoe heeft het college tot nu toe gepoogd samen tot een oplossing te komen?
     
  2. Is het college bereid om proactief het gesprek met betreffende inwoner aan te gaan om gezamenlijk tot een oplossing te komen? Zo ja, dan worden we graag op de hoogte gehouden van de ontwikkelingen. Zo nee, waarom niet? 
  3. Wanneer er inwoners met individuele conflicten tussen hen en de gemeente aan het raadscafé deelnemen, is LDA van mening dat de gemeenteraad niet eerst vragen zou moeten hoeven indienen over deze situaties om het college aan te sporen tot proactief handelen om het conflict te proberen op te lossen. Deelt het college deze mening? Zo nee, waarom niet?

LDA stelt vragen over de herinrichting van de Koningin Julianalaan in Slootdorp

Bewoners van de Koningin Julianalaan hebben een brief ontvangen waarin gemeld wordt dat op 1 juni met de werkzaamheden begonnen wordt. Dit zorgt voor onrust in de buurt omdat de brief geen duidelijkheid geeft wat er gaat gebeuren met de plek in de steeg tussen de Koningin Julianalaan en Kerkstraat waar een verontreiniging met PAK (polyaromatische koolwaterstoffen) is geconstateerd. In het rapport met de resultaten van het door MANN uitgevoerde bodemonderzoek wordt vermeld dat er een sterke verontreiniging is geconstateerd bij de boring bij peilbuis 23 waar een waarde van 81 mg/kg ds gevonden is met de vermelding dat vanaf 40 mg/kg dus sprake is van een saneringsnoodzaak.
De volkstuintjes aan de Koningin Julianalaan grenzen aan de vervuilde locatie. Omwonenden maken zich zorgen over de gevolgen voor hun gezondheid.

  1. Kunnen de werkzaamheden van de herinrichting van de Koningin Julianalaan wel beginnen voordat de sanering van de verontreinigde locatie heeft plaats gevonden?
  2. Zo ja, waarom?
  3. Bent u bereid op korte termijn met de bewoners in gesprek te gaan om duidelijkheid te verschaffen over de uit te voeren werkzaamheden?

Antwoord op vervolg vragen over het bos van Van Moorselaar in Nieuwe Niedorp

Reactie door de fractiesecretaris Peter Couwenhoven op de beantwoording.

Naar aanleiding van het tweede artikel in de Schager Courant ben ik gebeld door de ambtenaar die de beantwoording van de vragen heeft opgesteld. Zij was verbaasd over dat ik aangaf dat het bosje moet wijken voor woningbouw. Uit de beantwoording van de vragen kan die conclusie niet getrokken worden. Er is van woningbouw geen sprake. De projectontwikkelaar heeft geen aanvraag ingediend en de gronden hebben een agrarische bestemming, was haar antwoord.

Ook kreeg ik een uitnodiging van de projectontwikkelaar voor een gesprek op hun kantoor omdat er veel onjuistheden in het krantenartikel zouden staat. In mijn gesprek bij Scholtens werd gezegd dat de plannen met en rond het bos voorlopig geen prioriteit hebben, die licht bij de uitvoering van het Dahliapark. Wel werd mij een uitgewerkt plan, getekend door architect Paul Breddels, getoond van  zeven woningen in het bosje dat dus moet verdwijnen op een paar bomen na. Ook de twee aangrenzende percelen hebben de bestemming woningbouw. De ontsluiting moet plaats vinden via de bestaande brug van Dorpsstraat 78 en het stuk fietspad naar de Oosterweg.

De grond wordt voorlopig opgeslagen  in depot op het terrein van het Dahliapark maar zal gebruikt  worden om de kavels met 40 cm op te hogen.

 

LDA stelt vragen over de voormalige Harmonie in Hippolytushoef

Deze week kwam het nieuws naar buiten dat de dwangsom tegen de eigenaar van de voormalige Harmonie in Hippolytushoef, ingesteld vanwege illegale bewoning, gehandhaafd blijft. De commissie bezwaarschriften heeft hier uitspraak over gedaan. Gezien het feit dat deze zaak nu niet meer onder de rechter ligt, heeft onze fractie een aantal vragen over de situatie.

1) In de oorspronkelijke aanvraag omgevingsvergunning was er sprake van verbouwing van het pand tot 8 koopappartementen. Tot op heden staat er slechts één woning te koop, met 7 slaapkamers. Is er gedurende de verbouwing besloten tot samenvoeging van units tot één woning, en zo ja, is dit in overeenstemming met de verleende vergunning?

2) Meerdere omwonenden hebben aangegeven dat er een 9e woonunit is gerealiseerd binnen het pand. De vergunning voor 8. Is het college op de hoogte van deze ontwikkeling, en zo ja, is er reeds gecontroleerd of de observatie van de omwonenden klopt?

In de verleende vergunning van 24 november 2021 is onder punt 8 van de omgevingsvergunning het volgende te kennen gegeven: ‘Het bouwplan is niet aangevraagd ten behoeve van de huisvesting van arbeidsmigranten en wordt ook niet als zodanig vergund. Indien blijkt dat het pand wel in gebruik wordt genomen in strijd met deze vergunning kan de gemeente handhavend optreden.’

3) Gezien het grote aantal auto’s met Roemeens, Pools, Moldavisch en Litouws kenteken en de gesproken talen van de bewoners is het aannemelijk dat er sprake is van bewoning van arbeidsmigranten.
Dit is al sinds de datum van eerste ingebruiktreding van de appartementen het geval. Hoe vaak heeft de gemeente inmiddels handhavend opgetreden, en wat is hier het gevolg van geweest?

4) Oorspronkelijk was de bedoeling dat de appartementen na realisatie verkocht zouden worden. Dit is destijds ook bevestigd door de projectontwikkelaar, en er hingen te koop bordjes. Het pand wordt momenteel verhuurd. Inzet vanuit de gemeente is van begin af aan geweest dat er sprake zou moeten zijn van stabiele bewoning. Wat is de definitie van stabiele bewoning, volgens het college?

5) Hoe waarborgt het college dat er sprake is van stabiele bewoning, nu de appartementen verhuurd worden?

6) Heeft het college mogelijkheden om te controleren hoe de huurcontracten zijn opgesteld, en zo ja, hoe waarborgt het college dat de persoon op het huurcontract daadwerkelijk de bewoners van het appartement is?

7)) In september 2022 heeft het college besloten dat bewoning van het voormalige hotel aan Kerkplein 1 door meer dan één huishouden niet toegestaan was. Geldt dit besluit voor het pand in zijn geheel, of voor de afzonderlijke appartementen (tegenwoordig genummerd 1a t/m 1g)?

8) Gelet op de bepaling onder punt 8 van de omgevingsvergunning zoals hierboven genoemd, deelt het college onze mening dat bewoning door een huishouden van arbeidsmigranten ook niet toegestaan is?

9) Het college treedt handhavend op. Een van de afspraken is dat de appartementen bedoeld zijn voor gezinnen, en dus niet voor, bijvoorbeeld, alleenstaande arbeidsmigranten. Op welke manier controleert het college of er sprake is van gezinnen? Wordt er bijvoorbeeld gevraagd naar een huwelijksakte of een samenlevingscontract?

De buurtbewoners constateren dat er zeer veel eenpersoonsbedden en losse matrassen te zien zijn door de ramen van de benedenverdieping. Tevens constateren zij een groot aantal verschillende (niet Nederlands sprekende) personen die de huizen in en uit lopen.

10) Hoe veel bewoners staan er op dit moment per appartement ingeschreven in het BRP?

11) Hoe vaak is er in de laatste 12 maanden een overtreding van de regels omtrent bewoning geconstateerd, en hoe vaak heeft dit tot gevolg gehad dat de illegale bewoning beëindigd werd?

12) Hoe vaak zijn er in de afgelopen 12 maanden klachten binnengekomen bij gemeente, boa’s of politie over overlast in het pand, en hoe zijn deze klachten afgehandeld?

Met vriendelijke groet,

Henk van Gameren, LDA

LDA stelt vragen over opslag met PFOS vervuilde grond bij Afvalzorg in Middenmeer

Geachte leden van het college,
In een groot artikel in het Noordhollands Dagblad van zaterdag 16 maart met de titel ‘Stille milieuramp’ is een reconstructie gemaakt van de PFOS-ramp op Schiphol in 2008.
PFOS was een essentieel onderdeel van schuimblusmiddelen en een van de schadelijkste PFAS-soorten die de gezondheid ernstig kunnen schaden.
Deze stoffen breken nauwelijks af en verblijven daardoor permanent in het milieu. Het incident dat zich op Schiphol afspeelde heeft veel van deze stof in het omliggende gebied verspreidt.
In het artikel lezen we dat voor de omlegging van de provincialeweg N201 alle grond afgegraven moest worden. Een grote hoeveelheid van deze ernstig vervuilde grond (tot 250 microgram PFOS per kilogram) is afgevoerd naar de stortplaats van Afvalzorg in de Wieringermeer. Op de website van Afvalzorg, locatieWieringermeer, is hier nauwelijks informatie over te vinden. Als resultaat van een zoekopdracht wordt slechts één bericht gevonden, gedateerd 22 november 2022: uit analyseresultaten blijkt dat deze stoffen (waaronder PFOS en PFOA) in zeer lage concentraties zijn aangetoond in het effluent (het gezuiverde water dat de zuiveringsinstallatie verlaat) van de waterzuivering. Wettelijk gelden er nog geen lozingsnormen.
Grond heet ernstig verontreinigd bij 59 microgram (59 miljoenste gram) PFOS. De in de Wieringermeer gestorte grond overschrijdt ruim 4 keer deze norm. Voor oppervlaktewater is de maximaal toegestane hoeveelheid 0,65 nanogram (0,0065 miljoenste gram).

  1. Op welke wijze bewaakt u de risico’s van verontreiniging door PFOS in het effluent?
    a) Wat is de concentratie die in 2022 is gemeten in het effluent?
    b) Zijn er na de stort in 2008 tot 2022 ook metingen verricht en wat is daarvan het resultaat?
    c) Worden er na 2022 metingen verricht en wat is daarvan het resultaat?
    d) Zo nee, waarom niet?
  2. Op welke wijze bewaakt u de risico’s van verontreiniging door PFOS in het oppervlaktewater?
    a) Worden er metingen verricht naar PFOS in het oppervlaktewater in de buurt van de locatie van Afvalzorg om zicht te krijgen of er sprake is van uitspoeling en dus verspreiding in het milieu?
    b) Zo ja, wat zijn de gevonden waarden?
    c) Als deze metingen niet worden verricht, wat is daarvoor de reden?

LDA stelt vervolgvragen over het bos van Van Moorselaar in Nieuwe Niedorp

De beantwoording door de gemeente van onze eerder gestelde vragen over dit onderwerp (PV-2405) roept bij ons nieuwe vragen op.

In het toegevoegde kaartje worden de percelen aangegeven waar de afgevoerde grond uit het Dahliapark gestort wordt. Deze percelen zijn alleen bereikbaar via het Kostverlorenpad, een fietspad dat is aangelegd tussen de Oosterweg en Kostverlorenstraat om voor kinderen een veilige route naar school te creëren.
1. Wanneer en hoe lang gaan deze transporten duren?
2. Hoe gaat u de veiligheid van de kinderen borgen wanneer de transporten van de afgegraven grond plaats vinden?
3. Is het mogelijk om deze transporten in de schoolvakantie te laten uitvoeren wat naar onze mening een goede oplossing is om de overlast te beperken?
4. Kan dit als voorwaarde in de te verstrekken vergunning worden opgenomen?

U geeft ook aan dat het ophogen van de gronden in strijd is met het bestemmingsplan en niet zonder aanlegvergunning gerealiseerd kan worden en dat de projectontwikkelaar deze nog niet heeft aangevraagd.
5. Heeft de projectontwikkelaar deze vergunning inmiddels aangevraagd?

Uit de beantwoording blijkt dat de percelen ontwikkeld worden voor woningbouw.
6. Hoe worden de omwonenden bij deze plannen betrokken en geïnformeerd?
7. Wilt u de raad door middel van memo’s informeren over de vervolgstappen en uitwerking van de plannen?

Ter verbetering van uw gebruikerservaring wordt op deze website van LDA gebruik gemaakt van cookies.